De
middelenbegroting verleent machtiging voor de invordering van de
belastingen, in overeenstemming met de wetten, besluiten en tarieven
die er betrekking op hebben. Ze bevat de raming van de ontvangsten van
het algemeen bestuur en verleent machtiging, binnen de grenzen en onder
de voorwaarden die ze bepaalt, tot het aangaan van leningen.
Bij het ontwerp van middelenbegroting wordt een
inventaris van
alle fiscale uitgaven gevoegd. Deze
omvatten alle aftrekken, verminderingen en uitzonderingen op het
algemeen stelsel van
belastingheffing, die gedurende het begrotingsjaar gelden ten voordele
van
belastingplichtigen of van economische, sociale of culturele
activiteiten.
Het wetsontwerp strekt
er in essentie toe de bestaande fiscale wetgeving te
hernieuwen, de wet bepaalt immers dat de belastingwetten jaarlijks
opnieuw moeten worden goedgekeurd, alsook machtiging te verlenen om
leningen aan te gaan teneinde het surplus van de uitgaven op de
ontvangsten van een begrotingsjaar te dekken.
De tabellen bevatten
een gedetailleerde en artikelsgewijze raming per
soort van belasting
en andere ontvangsten. Deze worden onderverdeeld in lopende ontvangsten
(fiscale en niet-fiscale) enerzijds en kapitaalontvangsten (fiscale en
niet-fiscale) anderzijds, en dit volgens
de economische classificatie (ESR 95).
De
lopende fiscale ontvangsten komen enkel voor bij de FOD
Financiën en bestaan uit:
directe belastingen: personen-
en vennootschapsbelasting;
douane en Accijnzen: accijnzen
op alcoholische dranken, tabak, koffie,
energieproducten;
BTW, Registratie en Domeinen:
BTW, zegelrechten, registratierechten, griffierechten,
hypotheekrechten, boeten van veroordelingen.
Momenteel
bestaan er geen federale fiscale kapitaalontvangsten meer, vermits de
successierechten sinds 1989 aan de Gewesten werden overgedragen.
De toelichtende staat
bevat de verantwoording van de wetsbepalingen
enerzijds en van
de ontvangstenramingen van de verschillende departementen anderzijds.
De
middelenbegroting moet uiterlijk op 31 oktober van het jaar dat aan het
begrotingsjaar
voorafgaat bij de Kamer ingediend worden en uiterlijk op 31 december
goedgekeurd worden.